Artikel 6.15a en leefbaarheid in bestaande gebouwen
Inmiddels is het twee jaar geleden dat artikel 6.15a in het Besluit bouwwerken leefomgeving is opgenomen. Dit artikel verbiedt kort gezegd de aanwezigheid van brandgevaarlijke objecten in de vluchtroutes van woongebouwen.
Auteur: Thijs van der Weijde
Verboden voorwerpen in vluchtroutes
Hieronder vallen in ieder geval scootmobielen, meubilair en decoraties. De enige decoraties die volgens de wet nog zijn toegestaan, zijn deurmatten van maximaal 0,5 m² en een schilderij of foto van maximaal 0,5 m² bij de toegang van een woning.
Ook voorwerpen van onbrandbare materialen, zoals metaal, glas, steen of beton, zijn nog toegestaan, mits deze het vluchten niet belemmeren. Er moet daarbij minimaal 0,85 meter vrije loopruimte overblijven.
Verwijderen van decoratie zorgt voor vermindering van woonbeleving
In veel bestaande woongebouwen was echter al jarenlang meer decoratie aanwezig. Ook hebben bewoners vaak voor de deur of in de gang zitjes gemaakt, zodat zij samen koffie kunnen drinken in een huiselijke sfeer.
De wetgeving in artikel 6.15a heeft ertoe geleid dat veel van deze spullen op last van de gemeente of veiligheidsregio verwijderd moesten worden. Vaak tot grote teleurstelling van bewoners, omdat daarmee de woonbeleving vermindert doordat de gezellige aankleding van de gemeenschappelijke ruimte verdwijnt.
Iets meer rek in de toepassing van artikel 6.15a
Regelmatig krijgen wij van zorgorganisaties of verhuurders de vraag of er toch niet iets in de gemeenschappelijke ruimte geplaatst kan worden om het woongebouw voor bewoners weer een beetje gezelliger te maken.
Tot voor kort was het antwoord daarop helaas steevast ‘nee’ als het voorwerp niet voldeed aan de in de wet genoemde uitzonderingen. Maar sinds enige maanden gloort er een klein beetje hoop.
Toepassing van een gelijkwaardige maatregel
Zowel de Adviescommissie Toepassing & Gelijkwaardigheid Bouwvoorschriften (ATGB) als het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) hebben inmiddels enkele uitzonderingen op deze strikte toepassing aangenomen.
Deze zijn gebaseerd op de mogelijkheid die artikel 4.7 van de Omgevingswet biedt om met een goedgekeurde gelijkwaardige maatregel af te wijken van de voorschriften van het Besluit bouwwerken leefomgeving. Hieronder volgen drie voorbeelden.
Goedkeuring van de veiligheidsregio blijft noodzakelijk
De uitzonderingen die hieronder zijn beschreven, gelden alleen voor de specifieke situatie waarin zij zijn getoetst. Omdat elke situatie anders is, moet ieder verzoek tot het treffen van een gelijkwaardige maatregel apart worden getoetst door de veiligheidsregio.
Onderstaande uitzonderingen betekenen dus niet dat deze voorwerpen vanaf nu altijd weer in alle vluchtroutes zijn toegestaan. Wel geven zij een goede indicatie onder welke voorwaarden een verzoek om gelijkwaardigheid door de veiligheidsregio geaccepteerd zou kunnen worden.
1: Plantenbakken
Het NIPV heeft op haar website aangegeven dat zij verwacht dat onder bepaalde voorwaarden plantenbakken in de vluchtroute kunnen worden aangemerkt als gelijkwaardige maatregel. Daarbij moeten de plantenbakken onder meer van onbrandbaar materiaal zijn gemaakt, gevuld zijn met onbrandbare hydrokorrels, moeten de planten voldoende water krijgen en moeten de plantenbakken op voldoende afstand van elkaar staan.
2: Enkele stoelen
De ATGB heeft in een advies van maart 2026 aangegeven dat enkele stoelen in de vluchtroute als gelijkwaardige maatregel kunnen worden aangemerkt, mits de stoelen niet met een kleine ontstekingsbron tot ontbranding te brengen zijn en er geen ontstekingsbron in de nabijheid van de stoelen aanwezig is.
Verder speelde hierbij mee dat er een brandmeldinstallatie aanwezig was, die een eventuele brand bij de stoelen vroegtijdig opmerkt. Ook woog mee dat de gang door de breedte en hoogte relatief lang veilig bleef om doorheen te vluchten bij rookontwikkeling vanaf de stoelen.
3: Een biljart
De ATGB heeft in een advies van juni 2026 aangegeven dat een biljart in de gemeenschappelijke vluchtroute als gelijkwaardige maatregel kan worden aangemerkt, mits het biljart niet met een kleine ontstekingsbron tot ontbranding te brengen is en er geen ontstekingsbron in de nabijheid van het biljart aanwezig is.
Verder speelde hierbij mee dat de vluchtroute door de breedte en hoogte relatief lang veilig bleef om doorheen te vluchten bij rookontwikkeling vanaf het biljart. Ook was van belang dat de trappenhuizen waarlangs de bovengelegen verdiepingen moesten vluchten, brandwerend waren afgescheiden van het atrium waar het biljart stond.
Let op: De afbeeldingen in dit artikel zijn uitsluitend bedoeld als illustratie van situaties die in de praktijk kunnen voorkomen. Ze betekenen niet dat de getoonde situatie automatisch is toegestaan of is goedgekeurd door de ATGB, het NIPV of de veiligheidsregio. Een gelijkwaardige maatregel moet altijd per situatie worden beoordeeld.
Neem contact op om de mogelijkheden te bespreken
Benieuwd wat dit voor jouw situatie betekent? Neem contact met ons op om de mogelijkheden te bekijken voor het indienen van een gelijkwaardigheidsverzoek in jouw situatie.